‘Jouw huis kan beter even wachten’

1 maart 2019

Is een huis (nu) nog niet geschikt om all-electric te worden? Dan zeggen we dat meteen, ook tegen een journalist van een van de belangrijkste energievakbladen van Nederland. Want: “We vinden wel dat het zin moet hebben om te verduurzamen.” Waarom het huis van journaliste Katrijn de Ronde nu nog niet geschikt is lees je in onderstaand artikel dat eerder op Energeia.nl is gepubliceerd.

Tweeënhalf jaar schrijf ik nu over energieverbruik in de gebouwde omgeving. Het begon met af en toe een stukje over Nul-op-de-meter-woningen, maar is inmiddels uitgegroeid tot een onderwerp met een eigen ontwerp-Klimaatakkoord. Verhalen over warmtepompen, op inductie koken, gebouwgebonden financiering rollen zo uit mijn pen, maar ondertussen woon ik zelf in een huis met combiketel en kook ik op gas. Dat begon te wringen. Hoe zou mijn huis van gas los kunnen komen?

Afgelopen voorjaar, toen de warme dagen net begonnen, stond ik in het hoge Noorden bij een vriendin op zolder naar haar warmtepomp te kijken. Het was nogal een gevaarte, zwart met glimmend isolatiemateriaal eromheen, buizen en leidingen links en rechts. Ik vond het wel mooi, eigenlijk. Een beetje futuristisch. Industrieel. Maakt het nou veel herrie, vroeg ik haar. “Valt wel mee”, zei ze, “Maar we hebben de winter nog niet mee gemaakt.” Meer discussies had ze met haar vriend over de tuindeuren. Mochten die in hun energiezuinige huis metbalansventilatie, warmteterugwinning en warmtepomp nu wel of niet open staan?

Mijn huis in cijfers:

Bouwjaar: 1989
Type: rijtjeswoning (geen hoekhuis)
Energielabel: C
Aantal bewoners: 3
Aantal verdiepingen: 2 (geen vliering, geen kruipruimte)
Verwarming en koken: op gas, metconvectoren en een radiator in de badkamer. Mechanische ventilatie en ventilatieroosters in vrijwel alle raampartijen.
Bouwjaar combiketel: 2006
Isolatiewaarden: geen idee. Voor zover ik weet, is er na 1989 niet na-geïsoleerd.
Energieverbruik (2017): 1.824 kWh en 911 kubieke meter gas. (Mijn huidige leverancier laat weten dat de jaarnota er spoedig aan komt. Ik vermoed dat die iets hoger uit valt.)

Op de terugweg dacht ik aan mijn eigen label C-huis uit 1989. Ik gebruik mijn huis vaak in rekenvoorbeelden voor energieverbruik en energiebesparing, en om te begrijpen wat bepaald beleid in de praktijk betekent. Zo had ik bijvoorbeeld al op de sites van Milieucentraal, en verscheidene leveranciers en installateurs bekeken welke energiezuinige maatregelen ik kan nemen. Ik moet isoleren, was het standaard antwoord, misschien ook investeren in nieuw glas. Zonnepanelen zijn minder aantrekkelijk omdat het grootste deel van mijn lessenaardak op het noorden ligt. Maar veel verder was ik nog niet gekomen.

Om mij heen namen steeds meer mensen duurzame maatregelen. Het dak van mijn ouders ligt vol zonnepanelen, al verdenk ik mijn vader ervan dat voornamelijk gedaan te hebben zodat hij eindelijk een excuus had die hoge dennenbomen om te kunnen hakken die hem al jaren een doorn in het oog waren. Financieel handige vrienden laden hun elektrische auto met stroom van de zonnepanelen van het eigen dak. Een familielid switchte naar een hybride warmtepomp in haar jaren twintig-woning, en had het een winter lang koud omdat ze gewend was de verwarming alleen omhoog te draaien als er bezoek kwam. De installateur kwam terug en legde uit dat het huis voortaan op een constante temperatuur gehouden moest worden. Een warmtepomp is niet gemaakt om een koud huis snel op te warmen.

Mijn eigen CV-installateur kwam langs voor de jaarlijkse controle. Hij, niet de jongste meer, gelooft dat het zijn tijd wel zal duren met die warmtepompen. Hij raadde mij aan om binnenkort maar eens een nieuwe gasketel aan te schaffen, want die van mij is inmiddels zo’n twaalf jaar oud. Ik besloot toch maar eens te kijken of een warmtepomp mogelijk zou zijn in mijn woning.

Totaaloplossing

Vol goede moed belde ik THE FCTR E, een bedrijf dat totaaloplossingen biedt als het gaat om verduurzaming van woningen, om te vragen hoe mijn huis van het gas af zou kunnen gaan. Oprichter Joris Jonker vertelde mij dat het gemiddeld zo’n drie tot vijf jaar duurt voordat mensen van oriënteren overgaan tot actie. In dat geval ben ik er nog snel bij. Maar toen volgde al snel een koude douche: “Jouw huis klinkt als eentje dat beter nog even kan wachten.” Want: “We vinden wel dat het zin moet hebben om te verduurzamen.”

In 2021 moeten de gemeenten bekend maken hoe de wijken in hun gebied van het gas af zullen gaan; worden dat warmtenetten, all-electric of groengasaansluitingen? Ik vroeg er in mijn eigen gemeente her en der naar tijdens de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen. Concrete plannen zijn er nog niet, maar ik kreeg van alle partijen te horen dat niemand de bewoners ergens toe zou dwingen. Dat is een fijne gedachte, maar ik ben wel benieuwd hoe het streven van mijn gemeente om in 2030 energieneutraal te zijn dan gehaald gaat worden.

Ik belde ook met energiedienstverlener Groenpand, om te vragen wat de mogelijkheden zijn voor mijn huis. En met De Woonpas. Het advies was drie keer hetzelfde: mijn huis kan niet uit. Dat wil zeggen, mijn energierekening was met zo’n € 80 per maand voor gas en stroom zo laag dat het met de huidige kosten en subsidies te lang duurt voor ik de investering terug heb verdiend, als ik die al terugverdien. Verduurzamen kan wel, maar dan leg ik er fiks geld op toe. De experts raadden mij daarom aan te wachten tot de maatregelen goedkoper worden, en te profiteren van de versnellingsslag die -hopelijk- met het Klimaatakkoord wordt ingezet.

Isolatie overbodig

Het blijkt dat mijn huis heel slim is opgezet. Allereerst is het van hout, wat beter isoleert dan stenen. Ten tweede bevinden de slaapkamers zich in een souterrain half onder de grond. Ook weer goed geïsoleerd dus, plus dat de warmte van beneden via het ruim bemeten trapgat direct de woonkamer op de eerste verdieping in wordt geblazen. Beneden koel, boven warm. Dubbel winst. De buurman vertelde dat het kwik afgelopen zomer bij hem beneden niet boven de 25ºC is gekomen.

De tuin ligt op het noorden, en de ramen aan de zuidelijk gelegen voorzijde zijn bescheiden. De zon valt nooit direct naar binnen, wat in de praktijk heel fijn is omdat het anders in de zomer in mijn warmte-vasthoudende woning niet te harden zou zijn. (Mijn houtenhuisjes-buurt hangt dan ook vol met airco’s.) Tot slot heb ik geen kruipruimte, zolder of vliering waar warmte naartoe weglekt of waar tocht binnen kruipt. Toen ik in de buurtapp vroeg of iemand de isolatiewaarden van de woningen kende, antwoordde onze lokale vraagbaak dat afgelopen winter de sneeuw dagenlang op het dak was blijven liggen terwijl binnen flink werd gestookt. Dat zegt toch genoeg, vond hij.

Zonnepanelen

Geen isolatie nodig dus, en zolang de CV-ketel goed werkt ook geen warmtepomp. Ik richtte het vizier op zonnepanelen, een andere no regret-maatregel. Vijf of zes zou ik er toch kwijt moeten kunnen op mijn dak, in ieder geval volgens de dakcheckers van SolarMonkey en de Zonatlas. Niet voldoende om zelfvoorzienend te zijn, maar alle beetjes helpen. Ik belde de buurtgenoot die zelf een zonnepanelenbedrijf heeft, maar die legde alleen nog maar op bedrijfsdaken. Zij raadde mij een collega-installatiebedrijf aan. Dat bedrijf bedankte vriendelijk voor de eer.

Wat bleek? Mijn dak is van zink. En in zink mag niet worden geboord. Boren is de gebruikelijke methode om zonnepanelen vast te zetten. Op zinken daken kun je zonnepanelen bevestigen aan speciaal ontworpen rails, maar dat is niet standaard. De meeste installateurs hebben er geen ervaring mee, en kunnen er geen garantie op geven. Dat maakt ze huiverig zo’n klus aan te pakken. Bedrijven installeren liever zonnepanelen op daken waarvan ze zeker weten dat het goed gaat.

Inmiddels is het kerst geweest en mijn goede intenties zijn nog steeds dat: goede intenties. Het is niet eens een geldkwestie. Door een gelukkig toeval heb ik namelijk wel geld om stuk te slaan op de verduurzaming van mijn huis. Maar mijn bescheiden rijtjeshuis is te klein en te energiezuinig voor bedrijven die zich specialiseren in een totaalaanpak. Het huis is te apart om in standaardpakketten te passen, en bouwbedrijven en installateurs hebben het te druk om veel tijd en moeite in een relatief klein, maar stiekem toch ingewikkeld projectje te steken.

Keuken

Ik geef de moed nog niet op. De fabrikant van het zinken dak levert ookzonnepanelen, en ik heb inmiddels via de buurtapp een installateur (van huis uit loodgieter) gevonden die ze voor mij wil installeren. De groepenkast is al aangepast. Komende zomer laat ik een ventilator ophangen, want ook in mijn noord-georiënteerde huis was het behoorlijk warm afgelopen zomer. Maar gasloos zit er voorlopig niet in, dus heb ik een andere bestemming gevonden voor mijn huisbudget.

In maart komt de nieuwe keuken. Met inductiekookplaat, dat dan weer wel.

Zet jouw eerste stap naar een gasloze toekomst

Benieuwd of jouw huis klaar is om de switch naar een e-home te maken? Vraag dan vrijblijvend de Quick Scan van THE FCTR E aan. Met onze fullserviceoplossing is je e-home dichterbij dan je denkt.
Lees ook onze Privacy Policy